Hoofdstuk 9

ONBEKEND MAAKT ONBEMIND

 

GENERATIE 4: [IV-A] JAN DIRCKSZ SCHENERTSZ

Deze zoon van Dirck Jacob Scenertsz [III-c] is vermoedelijk vernoemd naar de vader van zijn moederskant. Er is niet zo veel over hem bekend.
Vanaf 1506 vinden wij hem "onder Noortigerhout" in de huurboeken van Leeuwenhorst.[1]

In 1542 komen daar, tegen een extra huur van 18 pond, ook nog percelen bij die de weduwe van Jan Phillipsz van het klooster Leeuwenhorst huurde.[2] Dit duurde tot 1546, toen het rentmeesterschap in handen was van Warnaert vander Does.[3] In de betreffende rekeningen wordt hij Jan Dircxsz Scheen genoemd. De rekening van 1547 is niet aanwezig, maar in 1548 wordt de huur behalve 19 pond in valuta deels in natura voldaan middels twee schapenkazen. De rekening vermeld evenwel een zekere Cornelis Jansz als nieuwe huurder van de grond.[4]

In het Huyerbouck anno 1552 vinden we het huurcontract (jaartal niet vermeld) dat Cornelis Jansz loco Jan Scheen heeft afgesloten.[5] Het blijkt te gaan om "enige percelen lants, omtrent 2 morgen broucklants, gelegen achter Cornelis Jansz. Verder derdalf oftewel 2 1/2 hont broucklants, 2 morgen lants toebehorende Cornelis Morsch advocat inden Haghe en Neeltgen Jan Meynertsz's weduwe toebehorende. Verder 2 ackeren geestlants en 1 1/2 morgen brouclants aan de westzijde van de Duyndam".
Mogelijk is de bedoelde 1 1/2 morgen hetzelfde perceel als genoemd wordt in een huurcontract van Jan Claesz (bijgeschreven: karremans) op die bronsgheest. "Item noch een stuc bruecklants inden suytbroec, omtrent 9 1/2 hont ende plach hier voirtyts grote Jan Hugensz in huyr te hebben en daarna Floir Havick".

Waarschijnlijk is Symon Dircxsz Scheen [IV-b] alias Symon Dircxsz Bruyser een broer van hem. In de rekening van de Excys van anno 1496 staat hij vermeld over het gebruik van 5 1/2 vat, en betaald hiervoor 16 Stuivers en 6 denieren.[6]


[1] Lwh / Inv.113(1506)fol.5Nwh
[2] Lwh / Inv.150(1542)fol.7Nwh
[3] Lwh / Inv.155(1546)fol.4vNwh
[4] Lwh / Inv.156(1548)fol.5Nwh
[5] Lwh / Inv.11(1552)fol.34Nwh
[6] GANw.Inv292(1496)fol.16v